Room for failure: DNS or DNF

You’re free to call me crazy… I’ve not been running for a week on doctors order, but I am still considering toeing the line of my biggest challenge ever, the Lakeland100, starting in 2 weeks time. Unless my Achilles’ tendons are getting worse, I really want to start. Meanwhile, my brain is continuously running reality checks: I won’t be racing, will need to run really slow and do a lot of walking, it will be rough and painful, and a DNF (Did Not Finish) is the most likely outcome.

Still I hope to enjoy running in this inspiring setting during the early stages of the race, take it easy during the night, which I may or may not survive (running wise). After that, every next aid station I reach-no matter how slow- will be a victory.

Obviously I’d loved to make this the race of my life, but things turned out otherwise and I still want to move on… forgetting about any competitiveness. But still aiming to go the extra mile, potentially allowing my self to dig deeper than ever, having to account for cut-off times or a second night (if it comes to that), because this is also what ultrarunning is about.

P.S.: Below a video of the race. I expect to be stumbling as bad as some of those guys at some point…

Lavaredo Ultra Trail: Tre Cime zien en stoppen

Donderdag 22 juni zak ik af richting Cortina d’Ampezo om het TraKKs team te vervoegen en de Lavaredo Ultra Trail te lopen, 120 km door de Dolomieten. De wedstrijd vertrekt vrijdag om 11u ’s avonds, waardoor ik ruim de tijd heb om uit te slapen, startnummer op te halen, nog een middagdutje te doen en te wachten… Dat laatste zorgt er toch voor dat de spanning gestaag stijgt.

IMG_2305

Foto Bérengère Malevé

Ruim voor tienen ben ik klaar om naar de start te stappen. De benen voelen verbazend goed en ik krijg het gevoel dat het wel eens zou kunnen lukken om hier zeer goed te lopen. Een streepje Ennio Morricone maakt het helemaal af, en ik ben er snel vandoor bij de start om vervolgens in de eerste beklimming een comfortabel ritme te zoeken. Dat brengt me in de buurt van de eerste 2 dames: Ruth Croft en Caroline Chaverot. Deze eerste is iets boven mijn niveau, maar Caroline is ‘way out of my league’. Omdat ik opgevangen had dat ze met wat gezondheidsproblemen kampte, helemaal niet soepel leek te lopen en zeer zwaar ademde maakte ik me echter geen zorgen dat ik te ver vooraan zou lopen. Bovendien stond ik versteld van haar stokkentechniek die een beetje ‘n’importe quoi’ leek.

north-face-lavaredo-ultra-trail-2017-3677855-47563-35-low

Foto canofotosports.com

In elk geval ging de eerste klim zeer vlot en leken mijn Achillespezen, waar ik zwaar voor vreesde, het goed te houden. Terwijl de klim grotendeels over de weg en brede paden liep, is de afdaling er meteen één om u tegen te zeggen. Ik ben blij dat ik vlot kan meeschuiven met een groepje lopers, maar krijg plots de hete adem van Caroline in mijn nek. Zij loopt te foeteren dat ze voorbij wil en doet dat ook als een gekkin als ik een centimeter of 10 opzij ga. Voor de kenners: ze doet me op dat moment denken aan ‘La Brujita’ uit Born to Run van Chris McDougall.

Ik daal nog een hele poos vlot met Ruth achter me, maar op een gegeven moment schuif ik toch even aan de kant om ze door te laten. Het laatste 3e van de afdaling voelt stuntelig aan, maar dergelijke afdalingen zijn al even geleden, en zeker al in het donker. Er gaan nog een paar lopers voorbij, maar op de eerste hulppost rond 18 km denk ik toch stilaan mijn positie in de race gevonden te hebben.

Tijdens de 2e beklimming van de nacht gaan de stokken van de rug. Het is even zoeken naar een goed ritme, maar uiteindelijk kom ik ook hier vlot boven. In de afdaling draait het minder vlot dan ik zou willen, de pezen merk ik wel, maar niets verontrustend.

Door mijn snelle start had ik de reflex om wat meer te eten dan gewoonlijk, en dat begon wel wat op de maag te liggen, maar op zich ook niet verontrustend. Wat dat wel was, was dat ik gaandeweg trager en trager vooruitkwam en uiteindelijk zo goed als stilviel. De energie was op, ik zwalpte over het pad, mijn stokken gebruikend om nog enigszins recht te blijven. Ik at een energiebar, zette me even aan de kant, probeerde weer op gang te komen. Ik begon weer te stappen en gaf mezelf een half uur de tijd om erdoor te komen, maar nadat ik even stilgezeten had voelden mijn pezen als gebetonneerd aan en was het al snel duidelijk dat het erop zat.

IMG_2284

Op het glooiende stuk dat volgde deed ik nog een paar pogingen om weer op gang te raken, maar het werd niets. In de paar kilometer naar het volgende controlepunt moest ik een kleine 300 lopers voorbij laten gaan, daarbij telkens op mijn stokken steunend naast het pad laverend, wat niet echt hielp om vlot vooruit te raken. Het begon stilaan licht te worden en ik kon wat meer van de omgeving in me opnemen. Omdat het intussen zonneklaar was dat uitstappen de enige realistische optie was, zette ik me nog een 2e maal aan de kant om tot rust te komen. Ik werd regelmatig gevraagd of ik OK was, waarop ik antwoordde dat ik nog kon stappen, zo ook toen Christophe Thomas van TraKKs passeerde. Toen hij mijn stem herkende deed hij nog een poging om mij moed in te praten.

Als ik me iets later weer in beweging zette ging het nog steeds even moeizaam vooruit. Op de controlepost bij Lago di Misurina werd mijn vrees bevestigd dat er pas bovenaan de volgende klim een bus was voor uitstappers. Dat was nog een dikke 6 kilometer te stappen, maar was in die zin iets minder lastig omdat iedereen aan het stappen was, al was zelfs bij stappen mijn tempo verder gezakt dan dat van de gemiddelde “midpacker” waar ik nu tussen zat. Ondanks de pijnlijke martelgang probeerde ik zo goed en zo kwaad als het kon de pracht van het landschap in me op te nemen. Het lijkt een eeuwigheid te duren om de hulppost te bereiken, die al van veraf te zien is. Eens ik boven ben zet ik mijn gps-horloge uit en word overmand door emotie. In de grond van mijn hart wil ik dit niet, maar er zit echt niet anders op dan te stoppen.

IMG_2297

En dan gaat het ineens snel, voor ik het weet zit ik in een busje naar de start, te snikken terwijl ik mijn vrouw aan de lijn krijg, de pijnscheuten te verbijten, mijn materiaal aan het opbergen en mijn wonden aan het likken. Nadat ik naar mijn verblijf getjokt ben leg ik me dadelijk op bed en ben ik er een goed uur tussenuit.

IMG_2300

Als ik terug wakker word, voel ik me verassend fris. Meteen komen de vragen weer boven rijzen: had ik het langer uitgezongen mits een tragere start? Speelde de hoogte een rol? Zijn mijn pezen er echt zo slecht aan toe? Anderzijds groeit het besef dat ik me gezien de twijfels een paar weken eerder nog gelukkig mag prijzen dat ik hier aan de start kon staan, en werd dit een zeer intense ervaring in het schitterende decors van de Dolomieten.

GTLC 2017: Waren mijn pezen maar flexibel ingesteld

Ik zag de bui al hangen, anderhalve week voor de wedstrijd lieten de Achillespezen zich maar al te goed voelen… Waar ik er anders in slaag om met een iets lichtere training en voldoende rust dit probleem onder controle te houden, gaven mijn hartslagwaarden (heart rate variability) aan dat mijn lichaam de strijd aan het verliezen was.

Voor ik om 3u ’s ochtends op de bus stapte naar de start van de 105km van de Grand Trail des Lacs et Chateaux (GTLC), voelden mijn voeten licht aan en dacht ik een moment dat ik er weer in geslaagd was om op het juiste moment ‘klaar’ te zijn.

De start leek me wat minder kamikaze dan de voorbije 2 jaar, maar de eerste 20 km zijn bijzonder goed beloopbaar en daar moet je in de ochtendfriste toch optimaal van profiteren. Hoewel het tempo geen probleem vormde, voelde ik al vanaf kilometer 1 dat er iets niet pluis was. In plaats van bij elke pas af te zetten door mijn voet te plooien (en daarbij de ‘energy return’ uit de Achillespezen te benutten), hefte ik deze quasi recht omhoog op. Bye, bye loopeconomie… Deze loopstijl voelt zeer houterig aan, maar ik zie geen mogelijkheid om soepeler te lopen. Al snel merk ik aan allerhande spierpijntjes  dat ik behoorlijk aan het compenseren ben en het me navenant veel moeite kost om vlot vooruit te raken.

18788327_10210963051566852_1239669407_n

Foto via Stijn Van Lokeren

Niettemin loop ik mee vooraan en na een kleine misser van 2 vroege koplopers -die we vreemd genoeg niet meer terugzien- loop ik samen met Stijn Van Lokeren en een loper met stokken richting eerste beklimming van de dag. Ik ben intussen zo aan het harken dat ik benieuwd ben wat het klimmen gaat geven. Naar boven dribbelen op de skihelling van Ovifat voelt iets beter dan op vlakke of dalende stukken, maar fris zijn de benen allerminst.

Samen met Stijn doorkruis ik het eerste stuk knuppelpad over de Hoge Venen. Vorig jaar maakte ik hier een filmpje van Christophe Winkin waarmee ik aan het doorbrommeren was. Zowel het gevoel als de tussentijden wezen erop dat het dit jaar weer wat anders zou worden.

Hoewel het een plezier was om met Stijn te lopen had ik al even door dat ik gegeven de omstandigheden een versnelling of 2 lager zou moeten schakelen om überhaupt te finishen. De opties om ergens op te geven of mijn borstnummer in te leveren en via een shortcut naar de finish te lopen speelden door mijn hoofd. Toen ik op een vlotlopend stuk buitenproportioneel veel moeite moest doen om mee te lopen, liet ik Stijn gaan en besloot ik een stuk alleen af te zien.

Het duurde even, maar aan een iets lager tempo zag ik me uiteindelijk wel finishen, de pijn werd niet meer erger, ik kon weer wat intenser van de prachtige omgeving genieten. Toen ik na 40 km nog steeds als 2e liep vond ik dat ik die plaats dan toch maar moest verdedigen en kon ik stilaan vrede nemen met de pijntjes, op dit punt in de race zullen de meeste andere lopers wel één of ander ongemak ervaren.

Het parcours was licht gewijzigd ten opzichte van vorige jaren en de mix van herkenning, onzekerheid en verwondering door oude en nieuwe passages langs het water en door het veen maakten er uiteindelijk een zeer mooie loopervaring van.

Rond Malmedy had ik me aan behoorlijk wat extra klimmen verwacht, maar voor ik het wist stond ik bovenaan het kapelletje waar we dit keer niet via de trappen kwamen. In de afdaling naar het centrum werd ik ingehaald door de koploper van de 60 km en iets later door een groepje achtervolgers. Tijdens de daaropvolgende klim over de weg haalde ik ze nagenoeg allemaal weer bij, maar in de afdaling moest ik dan weer vaststellen hoe waardeloos mijn benen waren.

Intussen begon de temperatuur stevig op te lopen, maar daar heb ik al redelijk wat ervaring mee. Ik ben er wel fan van om af te koelen door me volledig onder te dompelen in de riviertjes, wat ik uiteindelijk ook een keer of 4 à 5 zou doen. Het enige moment dat ik het echt moeilijk kreeg met de warmte was toen ik rond 80 km zonder water viel en de bevoorrading nog een stuk verder bleek dan ik aanvankelijk gedacht had.

De wedstrijd verliep verder zonder incidenten en ik begon stilaan lopers van de 60 km terug in te halen en de achterhoede van de 30 voorbij te steken. De laatste kilometers zou ik al bijna blindelings kunnen lopen, en ik kan me zelfs het vlotte tempo van vorig jaar herinneren. Daar kan ik nu bijlange na niet aan tippen, maar met de finish in zicht lukt het me toch om nog redelijk door te zetten.

Na 11:01 kom ik over de finish van deze lange en hete editie. Tevreden dat ik het mentaal kon opbrengen, de 2e plaats kon handhaven en een stevige warmtetraining achter de rug heb, maar eigenlijk was ik daarvoor niet gekomen. Ik wou voor een toptijd gaan, maar dat bleek er geen moment in te zitten. Ik heb intussen mijn hersenen zitten pijnigen over wat ik fout deed in de aanloop naar deze wedstrijd: te hard geprobeerd om mijn training van vorig jaar na te bootsen, te weinig slaap, mijn pezen te hard geforceerd tijdens pliometrische oefeningen,… In elk geval is het nu niet het moment om me te forceren, als ik met stijve achillespezen aan de start sta in Lavaredo komt het allicht niet goed. Dus liever fris en (licht) ondertraind dan geblesseerd starten.

P.S.: Ik liep hier met de inov-8 trailtalon 250, een vlotlopende schoen, die net als de meeste inov-8 modelen goed draineert na passage door water, wat wel zeer handig is als je af en toe het water induikt.

P.P.S.: Ik hoop binnenkort meer foto’s toe te kunnen voegen. Ik nam er dit keer zelf geen en de foto’s van de organisatie zijn nog niet beschikbaar.

Grote plannen, ambiteuze doelen, flexibele ingesteldheid

Toen ik in augustus vorig jaar bericht kreeg dat ik bij de TDS in de elite box mocht starten voelde ik me behoorlijk vereerd. Maar nadat ik nog beter presteerde dan mijn ranking deed vermoeden, terwijl ik helemaal niet zo’n goed gevoel had tijdens de wedstrijd, wist ik in het post-TDS gat even niet wat ik ermee aan moest… Als hoofddoel voor 2017 twijfelde ik sterk tussen het wilde, technische en relatief korte Skyrunning in het Verenigd Koninkrijk, een lange competitieve tocht (waar ik dan toch niet zo slecht in bleek) of een wilde lange tocht zoals mijn avontuur in Noorwegen.

In de laatste categorie viel mijn oog op de Lakeland 100. Dit is een 100-mijl race in het Engelse merendistrict met een fameuze reputatie. De volgende quote op lakeland.com geeft in elk geval goed aan wat ik zocht:

Seasoned ultra runners have tried and many have failed, a finisher’s medal in the Lakeland 100 is possibly one of the most treasured possessions you will ever receive. There are few things in life for which you will have to work so hard, show such commitment, desire and the simple stubbornness to keep going.. the minority who have completed the event will concur.

Helaas bleek de wedstrijd volledig volzet toen ik in het najaar eindelijk mijn besluit genomen had om me hiervoor op te geven. Ik kon het idee om hier te lopen (en er de familievakantie aan te koppelen) echter niet zomaar loslaten, en bleef regelmatig de website in het oog houden. Op één van die gelegenheden viel mijn oog op de beschikbaarheid van een aantal “eliteplaatsen”. Ik stuurde mijn kandidatuur in en ergens midden maart zou ik uiteindelijk een vreugdedansje maken omdat deze aanvaard werd!

In tussentijd had ik via TraKKs de mogelijkheid gekregen om in te schrijven voor de Lavaredo Ultra Trail  120 km) in de Dolomieten eind juni. Voeg daaraan nog de 105km lange Grand Trail des Lacs et Chateaux (GTLC) aan toe, en daarmee heb ik een naar mijn normen zwaar zomerprogramma bijeengepuzzeld. Vooral omdat ik het op elk van de 3 goed wil doen. De GTLC omdat ik geloof dat er vorig jaar nog wat marge opzat, Lavaredo omdat deze me TDS-gewijs zou moeten liggen, en Lakeland omdat ik een tijd wil lopen die een eliteplaats waardig is.

Planning_Aaike

Als het even kan wil ik respectievelijk een parcoursrecord, de beste Belgische tijd en een top-10 plaats neerzetten. Tegelijkertijd wil ik hier realistisch in zijn. Als ik terugkijk naar mijn tussentijden op de GTLC van vorig jaar (wat niet van mijn gewoonte is) lijkt me dat zeer sterk gelopen. Op een betere dag krijg ik hier allicht een paar minuten af, maar als het tegenzit ben ik al snel een half uur tot een paar uur langer onderweg. Voor de buitenlandse wedstrijden zullen recuperatie, inschatting van het terrein, en specifiek voor Lakeland, de navigatie belangrijke factoren zijn. Hoe het ook uitdraait, naast de fysieke uitdaging wil ik ook met volle teugen genieten van het natuurschoon en mooie ervaringen opdoen.

Trail des Idylles: stevige solo met traagste afdaling ooit

Na Crêtes de Spa was ik even aan wat rust toe. De eerste anderhalve week hield ik het rustigaan om vervolgens, voor het eerst in maanden, terug een lange intervaltraining (4 x 3 km voluit) in te plannen. Tot mijn verbazing ging dit maar matig, zorgde voor behoorlijke spierstijfheid, en leden mijn volgende trainingen er behoorlijk onder. Pas 3 dagen voor mijn volgende uitdaging, de Trail des Idylles (TDI), liep het weer goed. Ik had deze kleine wedstrijd bewust uitgepikt omdat ik veel goeds verwachtte van de omgeving van Malmedy en zo zonder al te veel druk zou kunnen opbouwen naar grotere objectieven: Grand Trail des Lacs et Chateaux, Lavaredo en Lakeland 100.

Op zaterdag 15 april zakte ik af naar Chodes om er in de regen een tocht van 44 km aan te vatten. Toen ik na 1 km reeds volledig alleen op kop liep, maakte ik er in mijn hoofd een stevige trainingsloop van, maar dit maakte de wedstrijd daarom niet minder uitdagend.  In de eerste 5 kilometer kregen we een begraste afdaling voorgeschoteld waarop ik niet vooruit geraakte -op de onregelmatige natte ondergrond kwam ik niet verder dan een onbeholpen stuntelen- en vervolgens een stevige beklimming waar ik voor het eerst op stappen was aangewezen. De daaropvolgende kilometers en doortocht door de venen waren vlot beloopbaar, tot ik van een schuingezakt stuk knuppelpad gleed en hard op mijn rechterflank belandde. Na een paar seconden gekerm zette ik me terug in beweging. Mijn bil was zwaar geraakt en protesteerde hevig, maar leek het lopen slechts beperkt te hinderen. Terwijl ik het tempo oppikte voelde ik de schok doorzinderen in mijn energievoorziening, maar na een fruitgelletje was ik daar gelukkig ook over.

18010478_698640797006873_727601873004804216_n

Foto Denis Dosquet (Sports)

Over de helft van het prima gemarkeerde parcours kreeg ik weer wat stevigere klimmetjes te verwerken. Tot dan was ik erin geslaagd nauwelijks te stappen, maar daar kwam in het laatste stuk behoorlijk verandering in. Toen ik voor de 3e keer begon te stappen met minder dan 10 kilometer te gaan wou ik voor mezelf het aantal keer stappen op één hand te tellen houden, maar uiteindelijk zou de teller op 7 komen te staan… Het venijn zat hier dus duidelijk in de staart.

17991228_698468050357481_1247131609835269119_n

Foto Denis Dosquet (Sports)

Ik had (deels bewust – kwestie van mentale training) niet geïnformeerd naar de voorsprong die ik op mijn concurrenten had. Toen ik met minder dan 4 km te gaan een andere loper achter me in het vizier kreeg vreesde ik even voor het ergste; een loper die wél een behoorlijke marge had voor het laatste zware stuk… Ik had het gevoel dat ik nog stevig doorliep, maar leek ingehaald te zullen worden. Ik controleerde mijn tempo en nam er vrede mee dat een loper die me aan dit tempo voorbij kwam gewoon sterker was. Bleek echter dat het de 1e loper van de 11 km was die duidelijk nog frissere benen had op de beklimming op de weg. Hoewel ik de muziek van aan de finish al kon horen, had ik me verwacht aan een laatste stevige klim, maar na een kronkelende afdaling is de finish daar ineens. Op het laatste vlakke stuk kan er nog een sprintje af om met een supergevoel te finishen en me vervolgens op de prima bevoorradingstafel te storten.

Planning_Aaike

P.S.: Ik liep hier opnieuw met de inov-8 Terraclaw 220. Na 520 (vnl. wedstrijd)kilometers zijn de stubs misschien wel wat te veel afgesleten om met vertrouwen de steile afdalingen te nemen, dus dat wordt binnenkort een nieuw paar voor op wedstrijden. Voor training zijn deze schoenen wel nog perfect in orde. Over het algemeen vind ik de duurzaamheid van de inov-8 schoenen een sterk punt.

P.P.S.: Op mijn gehavende bil en rechterbeen na had ik nauwelijks spierstijfheid, en mijn achillespezen lieten zich wonder-boven-wonder slechts beperkt voelen, allicht kan ik dus snel weer doortrainenen om er vanaf eind mei vollenbak te staan.

Cretes de Spa: en toen sloeg de vermoeidheid toe

De week van 20 maart begon de vermoeidheid van het drukke programma te wegen, met naast trainings-, werk- en familiedruk ook nog eens wat examenstress voor de opleiding sportverzorger (maar daarover later allicht meer). Woensdag kwamen koorts en verkoudheid opzetten die ik niet direct onder controle kreeg, maar uiteindelijk zou ik zaterdagochtend toch met een klein hartje naar Spa afzakken voor een 55 km trailplezier. Met dank aan Xavier Lisabeth, met wie ik mee kon rijden en zo niet zelf snotterend aan het stuur moest zitten.

Een deel van de tijd die ik anders aan wedstrijdvoorbereiding besteed was grotendeels opgegaan aan uitzieken, maar ik was er wel in geslaagd de traagste kilometers aan te stippen en me even bij collega lopers te informeren.  Ik verwachtte me aan een goed beloopbaar, droog parcours met een paar mooie hellingen…

Bij de start neem ik op de 2e, 3e rij plaats en spot ik meteen een aantal zeer sterke lopers, benieuwd wat dat zal geven. Bij het vertrek omhoog voelt mijn tempo als zeer behouden aan, maar blijk ik toch goed vooruit te komen. Een goeie kilometer schuif ik mee met de dense kopgroep, maar eens we aan de smallere bospaadjes toe zijn, zak ik toch wat weg. Zowel uit de kopgroep als in de modder die er toch een pak vettiger bijligt dan ik had ingeschat.

sportograf-91672758

Foto Sportograph

Ik wissel een paar woorden met Dominique Pankov, die aast op een ticket om voor Nederland te lopen op het WK trail, en een Parisien waar ik de eerste helft van de wedstrijd bij in de buurt blijf ergens rond 8 à 10e positie.

Met al een paar klimmetjes in de benen, krijgen we er rond kilometer 19 nog een hele mooie voorgeschoteld. Omhoog kronkelend door het bos voel ik me behoorlijk in mijn element. De afdalingen zijn een ander verhaal, hier merk ik dat dit mijn eerste serieuze Ardennen-trail van het seizoen is. Als ik mijn houding weet te verzorgen (rechte rug, licht naar voren buigen, knieën licht gebogen houden en voeten door laten rollen) lukt het me redelijk om naar beneden te rollen, maar bij momenten ben ik toch aan het stuntelen en ploffen mijn schoenen harder dan nodig. Ik weet echter mijn positie te handhaven tot aan de voet van de volgende helling om daar weer wat voorsprong te pakken.

Op de 2e skihelling van de dag is het de eerste keer dat ik voor een groot stuk van de beklimming op stappen terugval, maar ik haal op die manier Nick bij die vrij snel was gestart. Bij verzorgingspost 2 op 28 km blijkt Huub Van Noorden uitgestapt. Ik laat mijn softflask bijvullen, om na vertrek te merken dat die met sportdrank werd gevuld ipv water, niet zo handig als het flesje dan nog eens lekt ook…

Een paar kilometer verder hoor ik dat ik aan het inhalen ben en slechts een minuut achter zit op de loper voor me, die ik een paar kilometer verder ook bijhaal. Het blijkt Zac Freudenberg te zijn, die ik toch een stuk sterker dan mezelf had ingeschat. Tijdens een korte babbel bleek dat hij op het NK Halve Marathon een week eerder had gefocust en zich dus niet echt op het langere trailwerk had kunnen voorbereiden, maar niettemin loopt hij nog als 1e Nederlander met als doel een WK ticket te bemachtigen. Omdat de benen nog goed voelen loop ik er al snel van weg, intussen ergens rond de 6e plaats.

Rond de 44km zit het meeste klimwerk erop en loopt de route glooiend naar beneden. Hier is het kwestie van goed tempo te kunnen houden. Dat blijkt vrij goed te lukken, al begint de vermoeidheid te wegen en ben ik bij momenten weeral fameus aan het ploffen.

Door de lekkende sportdrank zijn mijn handen en heel mijn linkerflank plakkerig geworden, wat me ook mentaal wat minder fris lijkt te maken (wat allicht ook te wijten is aan eerdere verkoudheid). Ik kijk er al naar uit om zo snel mogelijk te finishen, maar dan gaat het, met 3 km te gaan, behoorlijk mis.

Wat doe je als je geen markeringen meer ziet:

  • terugkeren tot je weer markering ziet … OK
  • eruit besluiten dat je goed zit en teruglopen om te kijken of je niets over het hoofd gezien hebt … peut
  • nog steeds geen markering zien en bij splitsing rechtdoor lopen … peut
  • de andere optie bij de splitsing proberen, opmerken dat dit de juiste weg niet kan zijn, maar verderop een seingever zien staan en daaruit besluiten dat je toch verder rechtdoor moest … peut
  • terug de andere optie nemen en doorlopen tot bij splitsing om te merken dat ook daar geen markeringen hangen … peut
  • helemaal teruglopen tot aan de laatste markeringen, tot je ook de volgende markeringen ziet, en daar merken dat er daar eigenlijk een splitsing was … euh ja, maar wel rijkelijk laat.

Dat ik hier met fameuze oogkleppen op heb moeten lopen merk ik als ik een trein lopers naar boven zie komen die wel de juiste afslag nemen. Ik positioneer me voor deze trein, maar als er een loper uit de kopgroep voorbijkomt die ook ergens serieus moet misgelopen zijn, ben ik op aanklampen aangewezen. Als hij bij het opdraaien van het domein waar we finishen een kleine versnelling plaatst, heb ik het niet meer in hoofd en benen om te reageren.

Als 8e loop ik in 4:52 over de finish, blij dat ik hier überhaupt kon lopen, genoten van het parcours, maar toch ook behoorlijk gefrustreerd over het feit dat ik hier zo in de mist kon gaan. Tijdens mijn zijsprong die na inspectie achteraf toch 10 minuten duurde, passeerden de 1e 2 Nederlanders: Geordie Klein en Zac, en Joris Jacobs me.

P.S.: Voor vertrek twijfelde ik nog of ik hier met Trailtalon 250 of Terraclaw 220 zou lopen. Gezien de modder was ik blij dat ik voor de Terraclaw koos. Als ik me niet vergis liep Zac met Roclite 305 (die ook in lichtere versie met minder drop bestaat – 290), een alom geprezen all-around trailschoen die ikzelf nog niet testte maar wel iets zwaarder is.

NorthCTrail 2017: Gehoopt op een rustig dagje aan zee

Wat vooraf ging

Het is niet mijn gewoonte om met een tussenpoos van slechts 2 weken een wedstrijd te lopen, dus ik was benieuwd wat dit ging geven na de stevige Trail by the Sea.  Aanvankelijk leek ik goed te herstellen, maar een nachtje zonder slaap tijdens het assisteren op de Legends Trail zorgde toch voor de nodige “accumulated fatigue”, waardoor ik minder fris en met stijvere achillespezen aan de start stond. Omdat ik niet direct veel namen op de startlijst herkende, hoopte ik toch stiekem dat ik me niet te hard zou moeten forceren en het een mooi dagje aan zee zou worden.

Hoe het uitdraaide

De blauwe hemel bij de start was op dat vlak zeker veelbelovend. De eerste kilometer op het strand ging iets sneller dan in 2016, toen Thomas het tempo bepaalde. Ik kreeg meteen gezelschap van Kristof Declerck en Ansgar Carlier. Na een paar kilometer voelde ik mijn kuiten verstijven, waardoor ik instinctmatig een tikkeltje trager ging ondanks het perfect vlot beloopbare strand.

sportograf-91186000_lowres
Voor het keerpunt na 12 kilometer strand kregen we ook gezelschap van Kevin D’Hondt, maar toen we een paar kilometer verder de duinen introkken werd de kopgroep weer uiteen getrokken, waarbij enkel Kristof overblijft. Hoewel er redelijk wat afgebabbeld wordt, blijft het zeer stevig doortrekken. Echte gaten worden er niet geslaan, enkel bij de bevoorradingen moet ik even opletten dat ik Kristof -die met Camelbak loopt- niet te ver laat gaan.
sportograf-91192208_lowres
Als we met een goeie 35 km in de benen samen heelhuids de Hoge Blekker over komen lijkt het me duidelijk dat we deze wedstrijd zo goed als samen gaan uitlopen. Het ploeteren in het mulle zand begint te wegen, maar we blijven goed doorbijten. Als titelverdediger ben ik uiteraard zeer gretig om weer te winnen, maar omdat we naar mijn inschatting zeer aan elkaar gewaagd zijn, wil ik het risico niet lopen om te vroeg te demarreren en me hierbij op te blazen. Na goed gedronken te hebben en het resterende water over hoofd, nek en handen gekletst te hebben probeer ik met nog 2,5 km te gaan zo vlot mogelijk omhoog te lopen. Mijn poging lijk al vrij snel succesvol, maar omdat ik echt op mijn limiet loop en niet het gevoel heb dat ik vlot vooruit kom, blijf ik regelmatig achterom kijken. Pas als ik op de laatste strook strand niemand achter mij zie ben ik er gerust op dat er geen extra versnelling aan te pas moet komen om hier voor de 2e maal winst binnen te halen. Dit keer laat ik de eindsprint maar voor wat het is en probeer vooral van het moment te genieten. In een tijd van 3:36:56 heb ik het bovendien ook nog eens 10 minuten sneller gedaan dan vorig jaar en daar kan ik Kristof toch alleen maar voor danken!
sportograf-91193956_lowres
IMG_2038

P.S. Trail by the Sea vs. NorthCTrail

Als nawoord wil ik even ingaan op de vraag welke wedstrijd nu het zwaarst is: Trail by the Sea of de NorthCTrail? NCT is (met ong. 50 t.o.v. 42) uiteraard een stuk langer en de weersomstandigheden zijn een zeer grote factor in dergelijke wedstrijden, maar hierbij toch een poging. TbtS moet het hebben van het zeer sterke deelnemersveld, de lastigere stroken strand en de pittige bosklimmetjes. De NCT start weliswaar met vlotlopend strand, maar zodra er de duinen ingetrokken wordt ligt het aandeel mul zand behoorlijk hoog, en de finish door de duinen is toch een behoorlijke troef. Mits het importeren van een schare Nederlandse zandlopers denk ik dat we met de NCT een Belgische winnaar hebben. Als we naar variatie en natuurschoon kijken is TbtS echter de onbetwiste winnaar. Evenveel reden dus om met een schare Belgen ginder te gaan trailen ;-).

P.P.S. De NCT was de vuurdoop voor mijn nieuwe Inov-8 Trail talon 250 schoenen. Dit is de opvolger van de Race Ultra, een schoen voor lange afstanden over droog terrein, en heeft in vergelijking wat meer flexibiliteit en grip. Beiden zijn allicht niet echt nodig in het zand, maar ik kwam er in elk geval goed mee uit de voeten.