Waar haal ik het … marathon Zeeuws Vlaanderen 2014

Op 19 april nam ik voor de derde keer deel aan deze marathon. Net als vorig jaar vormde deze wedstrijd een ijkpunt voor de conditie. Ik trainde nagenoeg op dezelfde manier als vorig jaar. Algemeen dacht ik dat het wel goed zat, maar bij twee belangrijke trainingen (halve marathon wedstrijdtraining en 3 x 5000m interval) lag het tempo een stuk lager dan ik hoopte (nauwelijks onder de 4:00 min/km). Toen ik bij de start naar mijn ambities gevraagd werd zei ik 2:48 (in de hoop dat hier evt. nog een paar minuten afkonden als het echt goed ging).
Maar tot zover de theorie. Gezien het merkelijk sterker deelnemersveld in vergelijking met vorig jaar werd er vooraan in de wedstrijd zeer snel gestart. Terwijl ikzelf afklokte op 3:35 in de eerste km, sloeg Huub van Noorden dadelijk al een gat. Achter hem volgden Erwin Harmes en Sebastien Schletterer en dan een achtervolgend groepje van 5 man – met Wim Nieuwkerk, Christophe De Ketelaere, Remy Vasseur, Rik Wolswinkel en Michel Verhaeghe. Ikzelf bleef hier wat achter plakken omdat het tempo me danig hoog leek dat ik mij enkel zou vergalopperen door aan te sluiten. Op een stuk met felle tegenwind versnelde ik om terug aan te sluiten en wat beschutting te zoeken, maar de ergste wind was alweer gaan liggen tegen de tijd ik bij de groep was. Stilaan begon dit groepje wat uiteen te vallen en bleef ik in de achterhoede.

Aaike De Wever _ Marathon Zeeuws Vlaanderen 2014Passage in de Clingense bossen – Foto: Marco Pijpelink

Bij passage in Heikant -na ong. 15 km, waarna ook het mooiste stuk natuur erop zat- liep ik een paar honderd meter achter Michel en de rest van het groepje zag ik nog net de lus uitlopen, terwijl ik er aan begon.
Hoewel het tempo nog steeds hoog lag begon ik er toch in te geloven dat ik zou volhouden en in een zeer mooie tijd zou finishen. De hele tijd bleef ik op een steenworp van Michel hangen. Rond km 25 liep ik Rik voorbij en 4-5 km later kwam ik dichter en ging over Michel. Niet voor lang echter, want Michel kwam er weer over en ik sloot nog even terug aan. Na een korte conversatie die werd besloten met „quand tu tiens c’est bon” had Michel, die blijkbaar een besttijd 2:29 heeft, alweer een paar lengtes voorsprong.ImageFoto: Marco Pijpelink

De rest van de race zou ik op een kleine 100m van hem blijven hangen en op het ’gevreesde’ eilandje van Meijer ging het tempo verbazend genoeg even omhoog -allicht gaat mijn hart spontaan wat sneller slaan op dergelijk onverharde paden… Op 2km voor het einde ging ik weer over Michel die wat leek te vertragen. Achteraf bekeken was dit niet echt tactisch gezien van mij, maar toen was het bij mij eerder een kwestie van tempo houden. Toen Michel de laatste km weer inhaalde was het bij mij wel goed geweest, een nieuw PR was niet meer in gevaar, en kon ik de energie niet meer opbrengen om voor de 7e plaats te strijden. Zo finishte ik als 8e in 2:40:20, zowaar een kleine 9 minuten sneller dan vorig jaar en nog steeds snap ik niet waar ik die snelheid (zo lang) haal. Door mezelf zo te verrassen ben ik nu wel zeker dat ik het beste nog niet heb gehad 😉

Advertenties