Ver galopperen in het zand – Trail by the Sea 2014

Op zondag 23 februari nam ik deel aan de Trail by the Sea, een tocht langs de mooiste stukken strand en de duinen van Schouwen-Duiveland. Ik stond hier al voor de 3e maal aan de start en ook ditmaal was de wedstrijd een paar km langer geworden dan het jaar ervoor, een goeie 40 km (in de praktijk 41,5).
Gezien mijn goeie prestatie op de Trèfle à 4 feuilles een maand eerder had ik de ambitie om het nog iets beter te doen dan de 8e plaats in 2013, maar dat was buiten de microben gerekend die mijn gezondheid en recuperatievermogen de week voorafgaand aan de wedstrijd leken te belagen. Toen ik zondag opstond voelde ik me wel redelijk, maar de twijfel zat er toch goed in. Zover zelfs dat ik voor vertrek naar de start in Renesse (Nl) toch mijn temperatuur opnam om te controleren of ik toch niet met koorts zat. [In dat geval zou het naar het schijnt zelfs gevaarlijk kunnen zijn een dergelijke wedstrijd te starten.]

Start Trail by the Sea 2014

Let op het fluo-gele vestje…

Starten op het strand is wat mij betreft nogal tricky als je de beste lijn wil kiezen en met de kopgroep wil meezijn. Vorig jaar bleef ik vrij dicht bij de duinen, maar passeerde de kopgroep langs een beter beloopbare strook dichter bij zee. Dit jaar trok ik achter Leo Smets aan –die ik vlak voor de start ontmoette en die vorig jaar een hele tijd in mijn buurt liep– naar een iets harder uitziend stuk zand dichter bij zee. Voor een paar honderd meter leek het of we in de kopgroep zaten, maar toen bleek de zandstrook links van ons toch een stuk vlotter beloopbaar want daar kwam een groepje van een man of 6 voorbij. Wij ernaartoe, maar het gat was al geslagen en ik bleef er een meter of 20-30 achter hangen. Na 2km ging ik rond de 8e positie van het strand af de duinen in. De afstand met de kopgroep bleef aanvankelijk gelijk, maar alleen ernaartoe gaan bleek onbegonnen werk. Met een groepje van 3 lopers maakten we een kleine lus te veel toen het pad een haag door liep. Hierna volgden er een paar leuke modderige paden waarop ik me echt thuis voelde en onbewust een versnelling plaatste.

Toen ik na een km of 15 de eerste zandige hellinkjes kreeg voorgeschoteld voelde ik echter dat er iets niet snor zat want het leek alsof ik al na de eerste hindernis geen kracht meer in de benen had. Via de trappen over de dijk van Westerschouwen gingen het terug het strand op en zat ik ongeveer op de helft. Met een beetje wind in de rug kreeg ik weer een sprankeltje hoop maar snel doken we terug omhoog de duinen in, maar van nieuwe kracht in de benen was er helemaal geen sprake en intussen begonnen mijn billen echt pijnlijk te worden.*
Op de Kop van Schouwen kronkelde de route over een mooie reeks goed beloopbare paden in de beboste duinen. Leo, waar ik tot dan mee samen liep, ging op jacht naar Rik Wolswinkel die we sinds het strand in vizier kregen. Ik moest hiervoor passen en werd dan ook iets later gepasseerd door Bernard Te Boekhorst waardoor ik nu op de 10 plaats liep. Het zal dan ook niet verwonderen dat het “Dodemanspad” door het mulle zand me loodzwaar viel (naar beneden rollen in de afdalingen is er op dergelijk terrein helaas niet bij). Tot mijn verbazing kwam ik Leo weer tegen aan het einde van dit pad, hij had blijkbaar last van kramp.

Het was duidelijk laagtij toen ik op het strand belandde, want het was ontzettend breed en de juiste lijn kiezen was ook hier niet evident. Ik was dan ook blij dat ik de rood geklede Rik voor mij zag lopen om me op te richten. Het stuk langs het strand leek eindeloos en ik vroeg me sterk af of we niet al veel eerder van het strand af moesten…

In de laatste kilometers deed zelfs het kleinste hellinkje echt pijn en zelfs met de finish in zicht was het echt naar boven sjokken, maar een beroerde eindsprint naar de finish kon er nog net af.
Omdat Bernard in de laatste kilometer op stappen was aangewezen finishte ik uiteindelijk (net als vorig jaar) 8e in een tijd van 3:17:08. Hoewel dit toch een goeie 10 minuten langer is dan ik gehoopt had, is dit gezien de omstandigheden al bij al niet zo slecht en ben ik blij dat ik ondanks de pijn toch zo goed en zo kwaad mogelijk heb doorgezet.

*Als ik Ronnie Duinkerken mag geloven was het hobbelen in het zand daar niet vreemd aan, en persoonlijk denk ik dat ik de beperkte kracht in mijn benen wat compenseerde door andere spieren aan te spreken. In de dagen na de wedstrijd had ik duidelijk een ontsteking op mijn billen, maar verbazingwekkend genoeg leek het alsof ik mijn benen nauwelijks gebruikt had. Dit doet me er toch aan denken dat het grieperige gevoel in de aanloop naar deze wedstrijd helaas toch wat roet in het eten gegooid heeft.

Advertenties